Colin Firth over Mama Mia!

Blijf zeker wachten tot na de aftiteling van Mama Mia!, want dat heeft u een kans om Colin Firth te zien dansen op plateauzolen. Preview sprak met ‘Mr Darcy’ over zijn dans- en zangkwaliteiten.

16463Zelf is Colin Firth is er sceptisch over. ‘Ik herinner me dat ik ooit probeerde om het lied ‘All of Me’ te zingen voor mijn muziekdocent. (Barst los:) “All of me…” De docent onderbrak me en zei: “Thanks, I don’t think we’ll take any of you.”’

Hoe bent u dan toch in Mama Mia beland?
‘Dat vraag ik me ook af. Ik nam aan dat ze een paar mensen zochten die niet kunnen zingen of dansen. Als je van een musical wilt genieten wil je natuurlijk goede zangers, maar Mama Mia! draait niet om gelikte perfectie. Het is meer een meidenfeestje, een soort karaoke. Het is dat gevoel van gewone mensen die zich overgeven aan de feeststemming. En het leuke is dat iedereen welkom is. Mijn excuus om er te zijn, net als Stellan Skarsgard, is dus dat we net zo slecht zingen als jij.’

Bent u zelf een ABBA-fan?
‘Mensen die de laatste dertig jaar hebben beweerd dat ze ABBA haten, altijd en overal, moeten wel leugenaars zijn. Toen ik tiener was wilde ik cool zijn, en je was in de jaren zeventig niet cool als je een ABBA-shirt droeg. Het moest elitair en obscuur zijn en ontoegankelijk. De hitparade was voor de gewone massa. Grappig genoeg heeft de punkbeweging dat  weer gelijk getrokken. Opeens was al dat elitaire gedoe heel un-cool. Dus de discotypes lachen als laatste. De mensen luisteren nog steeds naar ABBA. Dat spul waar ik naar luisterde is volkomen vergeten.’

Kende u de musical?
‘Nee. Ik ga eigenlijk ook nooit naar musicals, zelfs al vind ik het heel leuk dat ik er nu in een zit. Ik begreep eerst helemaal niks van het script! Scrips voor musicals zijn niet om te lezen, het zijn blauwdrukken voor een optreden. Ze gaven het aan me en ik voelde me alsof ik een wiskunde-examen moest doen. Niet te volgen. Klim op de ladder tegen het geitenhuis: ‘Mamma Mia, how can I resist you?’ Dansers die opeens in beeld komen: ‘Super Trouper, lights are gonna find me.’ Het had voor mij net zo goed Arabisch kunnen zijn!’

U zingt in de film ‘Our last summer’. Moeilijk?
‘Niet zozeer moeilijk: eng. Ik herinner me dat we voor het eerst bij elkaar kwamen om samen het script te lezen. Dat is net als je eerste schooldag. Er zijn veel nieuwe mensen en je moet een rol lezen die je nog niet echt kent. Maar met een musical moet je ook nog eens zingen! De regisseur Phyllida Lloyd zei: ‘Iedereen van Universal is hier, de mannen van ABBA zijn hier, en de make-up en designafdeling ook. Op het moment dat het lied komt, wil je dan alsjeblieft even opstaan en zingen?’’ (Colin zucht diep en slaat de handen voor zijn ogen:) ‘Ondenkbaar! Gelukkig zei Meryl Streep: ‘Ik denk dat niemand gaat opstaan.’ Dus we deden het in playback, en dat haalde de druk eraf. De liedjes waren toen al opgenomen, dat deden we als eerste. Ik wist dat ik, met beperkingen, zuiver kon zingen maar ik wist niet dat ik zo hoog kon. Dat spandex-pakje bezorgde me een extra octaaf.’

Hoe was het om met de twee ABBA-mannen te werken?
‘Benny Andersson en Björn Ulvaeus zijn fantastisch, maar we waren allemaal bang voor ze. Mensen houden van hun muziek en je wilt niet degene zijn die het verpest. Het is alsof je een kunstschat van het museum in je handen draagt. Je wilt het niet laten vallen. En ze waren harde leermeesters: ze boekten drie dagen in de studio, voor een nummer van drie minuten. Gelukkig stond het er in een half uur op, maar ik had visioenen dat ik voortdurend in tranen zou zijn.’

Maar verder straalt de pret ervan af.
‘Ik had een obscene hoeveelheid pret op de set. Stellan en ik waren de twee belhamels zonder verantwoordelijkheden. Het was net een vakantie. Maar als je verantwoordelijk bent voor belichting op een boot in de Middellandse zee en het begint te regenen, of je moet een choreografie doen op een zanderige strand: dan is de druk heel hoog. Ik had al die problemen niet. Ik had een relatief makkelijk lied, met een heel simpel gitaarstuk. Er was een heel aanstekelijk vrolijke sfeer en zoiets begint altijd bovenaan. Als de hoofdrolspeler of de regisseur een klootzak is, voelt iedereen zich miserabel. Zo werkt het. Maar Meryl Streep is de aardigste denkbare persoon, met een enorme gevoel voor humor. En dat geldt ook van Phyllida Lloyd en Pierce. Belachelijk eigenlijk, dat ze me hiervoor betaald hebben.’